Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

Gemeenteraad

dinsdag 26 mei 2026

19:30
Locatie

Vergaderruimte Raadzaal

Voorzitter
A.J.M.H. van de Ven

Agendapunten

  1. Besluitvormende raad
  2. 1
    Opening en loting volgnummers ten behoeve van spreek- en stemvolgorde
  3. 2
    Vaststellen agenda vergadering d.d. 26 mei 2026
  4. 3
    Spreekrecht (voor onderwerpen die niet besproken zijn in een commissie)
  5. 4

  6. 5

  7. 6

    Samenwerking Reusel-De Mierden en CDA gaan samen een coalitie vormen, hiervoor is een coalitieakkoord gesloten. Om uitvoering te geven aan het coalitieakkoord dragen de fracties de volgende wethouders voor:

    • M.M. Kuijken (CDA)
    • M.P.M. Maas (SW)
    • F.P.M. Rombouts (SW)

    De commissie geloofsbrieven heeft de geloofsbrieven van de voorgedragen wethouders en de uitkomsten van de risicoanalyses integriteit onderzocht en brengt hierover advies uit aan de raad tijdens de raadsvergadering van 26 mei.

    Voorgesteld besluit

    1. Te benoemen tot wethouder van de gemeente Reusel-De Mierden:
    a) M.M. Kuijken (1 FTE)
    b) M.P.M. Maas (1 FTE)
    c) F.P.M. Rombouts (1 FTE)
    2. Dhr. M.M. Kuijken met ingang van 26 mei 2026 voor één jaar ontheffing te verlenen van het vereiste van ingezetenschap van de gemeente Reusel-De Mierden.

  8. 7

    In de Verordening op de raadscommissies Reusel-De Mierden 2025 is opgenomen dat de raad een voorzitter en twee plaatsvervangende voorzitters benoemd voor de werkbijeenkomsten. Met dit raadsvoorstel wordt daaraan voldaan.

    Voorgesteld besluit

    1. A.F.M. Kapteijns te benoemen tot voorzitter van de werkbijeenkomsten;
    2. Te benoemen tot plaatsvervangend voorzitter van de werkbijeenkomsten:
    a) D. Kors
    b) K.J. Oldenbroek

  9. 8
    Raadsvoorstellen hamerstukken
  10. 8.a

    Op 19 december 2025 heeft de gemeenteraad een bezwaarschrift ontvangen. Het gaat om een bezwaar tegen het besluit van de gemeenteraad van 16 december 2025 waarin een verzoek om informatie op grond van de Wet open overheid (Woo) op onderdelen is afgewezen dan wel buiten behandeling is gesteld. Het bezwaarschrift is behandeld in de commissie bezwaarschriften. De commissie heeft het advies uitgebracht om het besluit van 16 december 2025 in stand te laten. De gemeenteraad dient nu een beslissing op bezwaar te nemen.

    Voorgesteld besluit

    1. In overeenstemming met het advies van de commissie bezwaarschriften het besluit van 16 december 2025 in stand te laten;
    2. De beslissing op bezwaar (26.06297) te versturen aan bezwaarmaker.

  11. 8.b

    Jaarlijks stelt de Veiligheidsregio Brabant Zuidoost (hierna: VRBZO) een begroting vast, welke in ontwerp wordt aangeboden aan de raden van de deelnemende gemeenten, met de mogelijkheid om zienswijzen kenbaar te maken. Dit gebeurt volgens de kaders die door het Algemeen Bestuur in de Kadernota zijn meegegeven. De Kadernota is u op 24 februari 2026 voor kennisneming aangeboden.

  12. 8.c

    Op 5 maart 2026 is door het dagelijks bestuur van de ODZOB de ontwerpbegroting 2027 en de meerjarenraming 2028-2030 aangeboden aan uw raad (zie bijlage aanbiedingsbrief en ontwerpbegroting) en vrijgegeven voor het indienen van een zienswijze. De ontwerpbegroting 2027 is gebaseerd op de financiële uitgangspunten uit kadernota 2027. De ontwerpbegroting wijkt op een beperkt aantal uitgangspunten (inhoudelijk en financieel) daarvan af. Het gaat hierbij onder andere om een bijstelling (naar boven) van de totale programmering 2027 (werkprogramma’s en verwachte ontwikkelingen).


    In de ontwerpbegroting 2027 is een reële CAO-ontwikkeling opgenomen en een verlaging van de externe inhuur (meer personeel in vaste dienst). Hiermee is in de ontwerpbegroting ten opzichte van de kadernota een verlaging van het gemiddeld uurtarief doorgevoerd. Voorgesteld wordt om het (voorlopige) jaarresultaat 2025 in te zetten ter dekking van de incidentele ontwikkelkosten in 2027, hierdoor kan het uurtarief naar beneden worden bijgesteld.

    Voorgesteld besluit

    1. Kennis te nemen van de ontwerpbegroting 2027 en meerjarenraming 2028-2030.
    2. Geen zienswijze in te dienen.

  13. 8.d

    De herinrichting van de Voort is in 2024 afgerond, daarnaast zijn woningen gerealiseerd tussen de oude bebouwde komgrens en de Bakmannen. In het kader van deze ontwikkelingen is destijds ook de locatie van de verkeerskundige bebouwde komgrens op de Voort gewijzigd (zie bijlage 1). Hiervoor is in 2023 door ons college een verkeerbesluit genomen. Naar wat nu blijkt was het college niet bevoegd om dit besluit te nemen. Op grond van de Wegenverkeerswet 1994 is de raad namelijk het bevoegd gezag om de bebouwde komgrens vast te stellen. Met dit voorstel stellen we de raad voor alsnog de locatie van de bebouwde komgrens op de Voort te wijzigen.

    Voorgesteld besluit

    De nieuwe locatie van de bebouwde komgrens op de Voort te Reusel vast te stellen , conform de bij dit besluit behorende overzichtstekening.

  14. 8.e

    Dit voorstel handelt over de vaststelling van een programma van eisen ten behoeve van de herinrichting van de Wilhelminalaan. Het is aan uw raad om kaderstellende onderwerpen vast te stellen die voor de herinrichting van de Wilhelminalaan en de daaruit voortvloeiende gevolgen van belang zijn. Het programma van eisen wordt nader toegelicht om uw raad op die wijze van voldoende informatie te voorzien om tot een besluit te komen.

    Voorgesteld besluit

    1. Het Programma van Eisen voor de herinrichting van de Wilhelminalaan vast te stellen

  15. 9
    Raadsvoorstellen bespreekstukken
  16. 9.a

    Op 18 maart gingen de inwoners van Reusel-De Mierden naar de stembus om een nieuwe gemeenteraad te kiezen. Na het behalen van 8 (van de 15) zetels bij de verkiezingen, nam de fractie Samenwerking het initiatief voor de coalitiebesprekingen en na verkennende gesprekken met alle fracties, viel de keuze op het CDA als coalitiepartner. Deze keuze doet ook recht aan de uitslag van de verkiezingen: het CDA werd na Samenwerking de tweede grootste partij met 3 zetels. Het proces om te komen tot deze nieuwe coalitie is snel en efficiënt verlopen, volledig op eigen kracht, zonder informateur of andere ingewikkelde procesvormen. Het opstellen van dit coalitieakkoord is op dezelfde slagvaardige manier ingevuld.

    Voorgesteld besluit

    1. Het Coalitieakkoord 2026-2030 ‘Samen bouwen aan de toekomst’ vast te stellen; 
    2. Het college opdracht te geven een collegeprogramma op te stellen met daarin een verdere uitwerking van de onderwerpen uit het coalitieakkoord en dit collegeprogramma ter kennisgeving aan de gemeenteraad aan te bieden in september 2026 en te verwerken in de programmabegroting 2027 en verder.

  17. 9.b

    In de nota Planning & Control is besloten tot een Planning & Control-cyclus met daarin tweemaal per jaar een bestuursrapportage (berap) naar de stand van zaken eind 1e kwartaal (1e berap) en naar de stand van zaken eind 3e kwartaal (2e berap). Op dit moment ligt de 1e berap 2026 voor. Om de begroting 2026 – 2029 sluitend te krijgen was een bezuinigingstraject noodzakelijk. Daarom is er in 2025 een Spoor 2 traject doorlopen, waarbij in november 2025 een definitief pakket aan bezuinigingsmaatregelen is vastgesteld. Om deze bezuinigingsmaatregelen goed door te voeren is er een extra hoofdstuk “Spoor II” toegevoegd waarin we de voortgang beschrijven.


    Met de Auditcommissie is afgesproken dat we alleen nog maar op hoofdlijnen rapporteren. We rapporteren als het gaat om belangrijke afwijkingen op inhoud, tijdsplanning en/of geld. In de berap zijn per programma de afspraken uit de begroting van 2026 gekopieerd. Er is een vlak geel gemarkeerd als er over deze afspraak gerapporteerd wordt. Die rapportage volgt dan onderaan in het betreffende programma.


    Onder afzonderlijke kopjes wordt per programma gerapporteerd over investeringskredieten (ook op inhoud, tijd en geld). Vervolgens worden nog majeure thema’s belicht. En tot slot wordt in elk programma een opsomming gegeven van “overige financiële bijstellingen”. Dat zijn dan bijstellingen waarvan bijvoorbeeld in B&W-besluiten is bepaald, om dat bij de eerstvolgende berap aan te passen.

    Voorgesteld besluit

    1. De eerste bestuursrapportage 2026 vast te stellen
    2. De begroting 2026-2029 op basis van deze rapportage bij te stellen
    3. Kredieten te verwerken die in deze bestuursrapportage worden aangevraagd

  18. 9.c

    De GGD Brabant-Zuidoost geeft voor 21 gemeenten in de regio Brabant-Zuidoost uitvoering aan de Wet Publieke Gezondheid. Hiermee levert zij een bijdrage aan het vergroten van de kwaliteit van leven en de zelfredzaamheid van inwoners, bijvoorbeeld door in te zetten op preventie, uitvoering van de jeugdgezondheidszorg en bestrijding van algemene infectieziekten.


    Daarnaast verzorgt de GGD ook de acute zorg: zij verzorgt 24/7 de ambulancezorg in de regio. Het Algemeen Bestuur van de GGD Brabant-Zuidoost vraagt de gemeenteraad van de gemeente Reusel-De Mierden een zienswijze te geven op twee voorstellen: de eerste wijziging van de Programmabegroting 2026 en de wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling GGD BrabantZuidoost.


    Voorgesteld besluit
    1. Geen zienswijze in te dienen op de eerste wijziging programmabegroting 2026 GGD Brabant Zuidoost.
    2. Geen zienswijze in te dienen op de wijziging Gemeenschappelijke Regeling GGD Brabant Zuidoost.

  19. 9.d

    De GGD Brabant-Zuidoost (hierna: GGD) geeft voor 21 gemeenten in de regio Brabant-Zuidoost uitvoering aan de Wet publieke gezondheid. Hiermee levert zij een bijdrage aan het vergroten van de kwaliteit van leven en de zelfredzaamheid van inwoners, bijvoorbeeld door in te zetten op preventie, uitvoering van de jeugdgezondheidszorg en bestrijding van algemene infectieziekten. Daarnaast verzorgt de GGD ook de acute zorg: zij verzorgt 24/7 de ambulancezorg in de regio.


    Het Algemeen Bestuur (AB) van de GGD legt jaarlijks in maart de Ontwerp Programmabegroting voor het komende jaar voor aan de gemeenten. Conform artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen wordt u als raad in de gelegenheid gesteld om hierop een zienswijze in te dienen.


    Naast de Ontwerp Programmabegroting 2027 stelt het AB van de GGD aan het begin van iedere nieuwe bestuursperiode een meerjarenbeleidsvisie op. Deze visie biedt gemeenten tijdig en helder inzicht in de strategische koers van de GGD voor de komende jaren. De meerjarenbeleidsvisie sluit aan bij landelijke akkoorden, zoals Integraal Zorg Akkoord (IZA), Gezond Actief Leven Akkoord (GALA) Aanvullend Zorg en Welzijn Akkoord (AZWA) en de landelijke nota gezondheidsbeleid Samen werken aan Gezondheid, en geeft daarnaast inzicht in de regionale ontwikkelingen die gezondheid raken. Net als bij de Ontwerp Programmabegroting 2027 krijgen gemeenten ook op de meerjarenbeleidsvisie 2026–2030 de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen.

    Voorgesteld besluit

    1. Geen zienswijze in te dienen op de GGD Ontwerp Programmabegroting 2027 GGD Brabant Zuidoost. 
    2. Geen zienswijze in te dienen op de GGD meerjarenbeleidsvisie 2026-2030.

  20. 9.e

    In 2013 zijn wij gestart met zogeheten ‘veegplannen’ om meerdere ruimtelijke initiatieven planologisch mogelijk te maken. Een veegplan is een verzamelplan waarmee we meerdere, los van elkaar staande, (particuliere) ruimtelijke initiatieven gelijktijdig bundelen in één planologische procedure. Door deze verschillende initiatieven te bundelen, hoeven we maar één keer een ruimtelijke procedure te doorlopen. Dit levert veel tijdwinst en kostenbesparing op vergeleken met wanneer we voor elk initiatief een aparte omgevingsplanprocedure moeten doorlopen.


    In 2025 zijn wij begonnen met de voorbereidingen voor een nieuw veegplan, waarmee we zes ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied planologisch mogelijk willen maken. Dit omgevingsplan noemen wij ‘Buitengebied, veegplan 2026’. De voorbereidingen voor dit veegplan zijn nu zover dat we het omgevingsplan gewijzigd vast kunnen stellen, als TAM-IMRO-omgevingsplan. Dit houdt in dat het plan bij vaststelling nog op onderdelen is aangepast ten opzichte van het ontwerp, naar aanleiding van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen.


    Een TAM-IMRO-omgevingsplan is een tijdelijk type omgevingsplan waarmee gemeenten, in de overgangsfase naar nieuwe software van de Omgevingswet, nog gebruik kunnen maken van de bestaande IMRO-standaard voor digitale publicatie. Het plan voldoet inhoudelijk aan de regels van de Omgevingswet, maar wordt technisch opgesteld volgens het oude systeem voor bestemmingsplannen.

    Voorgesteld besluit

    Te besluiten om:
    1. Planologische medewerking te verlenen aan het omschakelen van de functie ‘bedrijf’ naar ‘wonen’, inclusief het splitsen van de langgevelboerderij en het realiseren van een nieuwe woning aan de Kuilenrode 9 in Hooge Mierde;
    2. Planologische medewerking te verlenen aan een vormverandering van het agrarisch bouwvlak aan de Vooreind 11a in Hulsel;
    3. Planologische medewerking te verlenen aan de vormverandering van het agrarisch bouwvlak en de aanleg van ruwvoervoorzieningen aan de Haarweg 2 in Hooge Mierde;
    4. Planologische medewerking te verlenen aan de sanering van de varkenshouderij aan de Kattenbos 12a in Reusel en de omschakeling naar de functie ‘wonen’, de vergroting van de functie ‘wonen’ aan de Kattenbos 12 en de realisatie van een woning aan de Kattenbos ong. (naast 7a) in Reusel;
    5. Planologische medewerking te verlenen aan de sanering van het agrarisch bedrijf en de splitsing van de langgevelboerderij aan de Rouwenbogt 4, de sanering van het agrarisch bedrijf en de splitsing van de langgevelboerderij aan de Rouwenbogt 6 en de realisatie van een nieuwe woning aan de Rouwenbogt ong. in Reusel;
    6. Planologische medewerking te verlenen aan de beëindiging van de varkenshouderij en omschakeling naar akkerbouw met een vergroting van het bouwvlak aan de Postelsedijk 7-9 Reusel.


    En hiervoor:
    7. De nota van zienswijzen ‘TAM-omgevingsplan Buitengebied veegplan 2026’ met de daarin opgenomen wijzigingen en aanpassingen vast te stellen;
    8. Het ontwerp-omgevingsplan ‘Buitengebied, veegplan 2026’, met het identificatienummer NL.IMRO.1667.BPGveeg5019-VAST, gewijzigd vast te stellen.

  21. 10
    Vragenronde aan het college
  22. 11
    Actieve informatieverstrekking door het college
  23. 12
    Mededelingen van vertegenwoordigers in (regionale) instellingen
  24. 13
    Raadsrondvraag
  25. 14
    Sluiting